Omdat ik al een tijdje last heb van schouderklachten is mijn werkplek enigszins aangepast. Ik ga niet uitweiden over wat er allemaal aan vooraf is gegaan voor er eindelijk iemand naar mijn werkplek kwam kijken, want dan overschrijd ik de limiet van mijn site. Maar toen deze persoon na bijna drie maanden eindelijk  kwam, zag hij binnen tien seconden dat onder andere mijn bureaustoel niet in orde was. De armleuningen gaven me totaal geen steun tijdens het kloppen op mijn toetsenbord en de rugleuning gaf me niet het benodigde zetje in de rug. Kortom: nieuwe stoel nodig.

Op een goede dag kwam er een ergonoom langs van een stoelenfabrikant om  in kaart te brengen wat het probleem nu was. Hij had alvast een proefstoel meegenomen. Stoel zag er niet uit, maar daar was het dan ook een proefstoel voor. In ieder geval voelde ik gelijk dat deze beter voor mijn rug was. De zitting was echter te hoog  en de armleuningen deden ook niet wat ze moeten doen, namelijk mijn armen erop kunnen laten leunen. Bij zijn volgende bezoek werd de stoel zodanig aangepast dat de zitting wel lager kon. Het zat gelijk al een stuk beter. De armleuningen bleven een probleem, maar dat zou goed komen bij de definitieve stoel. Hij zou de maten doorgeven aan de fabriek en dan zou er een prachtige stoel op maat voor mij gemaakt worden.

Na mijn vakantie ging ik eens polsen of mijn nieuwe stoel al was geleverd. Volgens de facilitaire dienst van mijn bedrijf zou deze stoel al zo’n drie weken geleden voor mijn bureau neer zijn gezet. Dus niet. Ik heb de ergonoom gebeld, zijn antwoordapparaat ingesproken en die dag niets meer van hem vernomen. De volgende dag toen ik de deur van mijn kamer open deed stond daar echter in volle glorie mijn op maat gemaakte ergonomisch verantwoorde bureaustoel… dácht ik althans. Ik plofte enthousiast neer en bleef met mijn voeten in de lucht bungelen. Ok, denk je dan, even de hoogte aanpassen, maar dit bleek de laagste stand te zijn. Armleuningen dan maar instellen. In de verste stand naar voren geschoven, hingen mijn ellebogen nog steeds vrij in de lucht en kregen geen enkele steun, dus ook dat was niet in orde. Moedeloos heb ik het kreng opzij geschoven en ben maar weer op mijn probleem-veroorzakende-stoel gaan zitten (uiteraard was de proefstoel meegenomen door de leverancier). Ik heb meneer de ergonoom hierover gebeld en die vermoedde in zijn oneindige wijsheid dat de stoel blijkbaar niet in orde was. Joh!!

De dag dat de monteur zou komen om een nieuwe gasveer in de stoel te plaatsen, zodat ik  weer met beide benen op de grond kon staan/zitten, bekeek ik de stoel nog eens goed. Ik knipperde een paar keer met mijn ogen, omdat mijn brein dit zo snel niet kon verwerken. Aan de stoel bleken twee rechterarmleuningen te zitten! Ik begon ernstig te twijfelen aan mijn fysieke gesteldheid als zoiets past in het kader van ‘stoel op maat’. Ik meldde dit merkwaardige verschijnsel aan de monteur bij zijn binnenkomst en er verscheen een diepe frons tussen zijn ogen. ‘Dit is niet goed’, mompelde hij. Hij pakte zijn telefoon om de ergonoom hiervan op de hoogte te stellen. Ik hoorde op afstand zijn blikkerig klinkende ‘Dat meen je niet!’ een keer of drie uit de telefoon schallen. Ja, dat meenden de monteur en ik dus wél.

De monteur ging aan de slag met de gasveer. Toen hij daarmee klaar was, was de zitting nog te hoog. Weer een andere veer erin gezet: eindelijk goed. De armleuningen aangepast: nog ondersteunen ze mijn ellebogen niet. De ergonoom komt morgen langs met een linkerarmleuning. Maar los van een linker- of rechterarmleuning, ze kunnen gewoon niet ver genoeg naar voren. Ik heb geleerd om me er niet meer druk om te maken. Morgen wacht ik zijn komst rustig af en dan zal ik ongetwijfeld weer de woorden gemompeld horen: ‘Dit is niet goed’. Wordt vast vervolgd…